Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views :
img

Sterven en rouwen in non-dualistisch perspectief

/
/
/
230 Views

De menselijke situatie is dus tragisch. Altijd duikt weer het conflict op tussen het besef en het verlangen oneindig te zijn en de ervaring van beperking, aftakeling en sterven. Dagelijks uit dit conflict zich in allerlei vormen. Het is een dramatische toestand met veel lijden.

Door Douwe Tiemersma

Voor een oplossing van het conflict kunnen we mensen raadplegen die vlak voor de dood staan. In deze situatie is een reflectie op de aard van het eigen bestaan haast onvermijdelijk, doordat allerlei vanzelfsprekendheden wegvallen. Het wegvallen van allerlei aspecten van het eigen bestaan betekent een verandering van de ervaring van dit bestaan. Bij het afscheid nemen wordt alles wat met het leven te maken heeft steeds meer betrekkelijk. Wat blijft over?

Dan zit je dus op een heel diep niveau waarin het gaat om de meest wezenlijke zaken: jezelf als individueel en eindig mens als zodanig. We zagen al de dualistische structuur van het leven vanuit een ik-centrum gericht op de wereld, met het verlangen en de angst, met het fundamentele conflict. Deze structuur gaat bij het sterven wegvallen. Als het goed is, is er een overgave, een totaal loslaten van het oude bestaan, en een bewustzijn van wat overblijft. Dan wordt duidelijk dat je niet gebonden bent aan de vooronderstelling een eindig persoon te zijn en dat je daardoor niet bepaald wordt door het fundamentele conflict.

Dat is iets wat ook in een goede spirituele ontwikkeling zonder fysiek sterven vroeg of laat plaatsvindt. Er is een terugkeer naar je eigen centrum en een ontspanning.  Hoe meer je terugkeert, des te groter wordt de ontspanning, want spanning heeft te maken met de relatie met de buitenwereld waarin je allerlei dingen wilt en verlangt. Als je die gerichtheid met ik-spanning terug laat keren in de bron van jezelf, zet de ontspanning zich zo diep door dat je in je centrum vrij komt. De laatste spanning van de ego-persoon verdwijnt. Zo komt in de eigen ervaring het eigen bestaan volledig open. Die krachten die eerst verknoopt waren in je centrum komen vrij. Het doet vreemd aan: je gaat naar binnen toe en je komt steeds meer open.

Vaak wordt er kritiek gegeven op mensen die een meditatieve spiritualiteit volgen: dat zijn mensen die naar binnen gaan en die niets meer willen weten van het leven … Nee, helemaal niet: want hoe meer je naar binnen gaat en loslaat, des te opener je wordt voor alles en iedereen. Eerst is het ‘ik’ het allerbelangrijkste met zijn ik-zorg. Hoe meer je naar binnen gaat, des te meer ontspanning ontstaat, des te meer laat je je ik-zorg los en des temeer kom je open. De ruimte wordt groter, grenzen verdwijnen.

Het gevoelsmatig aspect van dit proces is liefde. In die beweging accepteer je de ander en het andere volledig in het eigen zelfzijn, terwijl je ontdekt dat dit zelfzijn niet verschillend is van jezelf. Die liefdevolle opening betekent een uitbarsting van energie. Waarom? Omdat de energie niet meer wordt vastgehouden in een ik-centrum. Iedereen vindt het prachtig wanneer die energie vrijkomt. Iedereen herkent dit, omdat het weten er altijd al was: hier gaat het om. In het gewone leven overheerste de ik-beperking, maar iedereen wist het. Als dat in een spirituele ontwikkeling duidelijk wordt, is er ook vreugde. Die vreugde is er ook bij het sterven, voor zover je vrij komt tot non-dualiteit.

Die ongescheidenheid van bewust-zijn en liefde is eigenlijk een heel natuurlijke toestand. Het is  de ontspanning van het zelfzijn. Als je ontspannen diep in je eigen zelfzijn zakt, verdwijnt de zorg voor jezelf. In de ander kun je dezelfde diepte ervaren. In die sfeer van herkenning bestaat geen geboorte en dood en geen tweeheid. De angel is uit het sterven verdwenen. De angst voor de dood is er niet meer. Het vastzitten in de structuur van de persoon die beperkt denkt te zijn, is er niet meer. Het fundamentele conflict en het daarmee verbonden lijden is er niet meer. Die oneindige non-dualiteit kan direct worden herkend. Bij het sterven is er een grote kans dit direct te herkennen.

Uit het boek Satsang, Hoe zit het met jezelf , door Douwe Tiemersma.

Korte uitwerking van de inleiding voor Zuylen Uitvaartverzorging, Breda, 18 januari 2009

Boeken van Douwe
Douwe Tiemersma heeft een groot aantal boeken geschreven gerelateerd aan thema’s rondom non-dualiteit. Het Advaitacentrum heeft deze boeken uitgegeven. Deze zijn nog steeds hedendaags, relevant en hier te bestellen.



Tags:
Meer van:

Plaats een reactie

    Artikel delen
  • Facebook
  • Twitter
  • Google+
  • Linkedin
  • Pinterest