Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views :
img

De magie van water

/
/
/
431 Views

Water leeft, geneest, profeteert, zuivert, geeft leven en brengt dood. Niet zo vreemd dus dat water een centrale plaats in vele geloofsovertuigingen inneemt. Dit element kan een mens, plek of voorwerp zuiveren van ongewenste invloeden, vernieuwen, opnieuw ‘geboren’ laten worden. Water is magisch.\ 

Door Linda Wormhoudt

Water kan een mens gereed maken voor contact met het hogere, een doorgang bieden naar andere werelden, een woonplaats zijn van godinnen en onstoffelijke wezens. We zijn afhankelijk van water, vuur, lucht en aarde om te overleven. Elk element heeft een eigen energieveld en waarde. Het grootste deel van de Aarde is bedekt met water in al haar verschijningsvormen: water, ijs, sneeuw, damp, condens en dauw. We bestaan zelf voor het grootste deel uit water. Water brengt leven. Zelfs in de moeilijkste omstandigheden kan er leven ontstaan en gedijen, zolang er maar water is om het te voeden. Water kan echter ook vernietigen, weghalen en transformeren, zoals in een overstroming of vloed. We zijn aan de genade van water overgeleverd: water brengt leven maar ook dood.

Water spoelt fysiek vuil af, maar kan tevens op energetisch niveau iets weghalen of neutraliseren. Een minder prettige energie kan van je afgewassen worden, een daad, een gebeurtenis, een fase van je leven. Water laat het van je afstromen, waardoor je gezuiverd klaar bent voor de volgende stap. Water heeft ook een zegenende eigenschap: denk bijvoorbeeld aan de christelijke doop. Het water wijdt je in en geeft je de mogelijkheid om opnieuw geboren te worden.

Voorzichtig waad ik de rivier in. Het is nacht, het is stil, er is geen levende ziel te bekennen behalve de mijne. En de hare. De watergodin is nauwelijks zichtbaar. Ik zie slechts een werveling in het water, een streng haar drijvend op het oppervlak.

Ik heb een moeilijke tijd achter de rug. Nu kan ik het afsluiten. De watergodin van dit Nederlandse riviertje nodigde mij uit om in haar water te baden, om datgene weg te halen wat niet meer nodig was. Rillend sta ik nu in haar diepte, mijn tanden klapperen en ik ben ook een beetje bang. Mijn lichaam lijkt lijkwit in het nachtdonker. Ik voel een aanraking en verstijf. ‘Het is een vis’ fluistert mijn verstand. ‘Het is de watervrouwe’ zegt mijn gevoel. ‘Laat het los’ zegt een waterstem. En ik laat los, huiverend.

Het waterhuis

Overal in Noordwest-Europa zijn in waterlichamen oude wapens, gebruiksvoorwerpen, votiefbeelden (kleine beeldjes van goden en godinnen), mensen zoals de veenlijken, dierlijke resten en andere symbolische of waardevolle voorwerpen aangetroffen. Van oudsher wordt het water met geschenken mild gestemd, opdat het goed mag gaan met de mensen. Deze gebruiken hebben te maken met het idee dat water de woonplaats is van watergoden en geesten, die het leven van de mens op verschillende manieren kunnen beïnvloeden. Ook nu nog worden vijvers, fonteinen en putten gebruikt als plekken om wensen uit te spreken en verzoeken te doen. Wie een muntje in het water werpt, mag een wens doen.

Er zijn veel legenden over watergeesten in Europa. Deze wezens zijn meestal vrouwelijk: watergodinnen, brongeesten, riviergodinnen, zeemeerminnen. Men dichtte watergeesten vaak een gedeeltelijke of complete menselijke verschijningsvorm toe. De bekende zeemeerminnen en waternimfen bijvoorbeeld zijn half mens, half vis. Ze wonen in meren, rivieren, beekjes, slotgrachten, moerassen en zeeën, en hebben allen zo hun eigen karakter. Watergeesten zijn grillig van aard. Ze kunnen zowel behulpzaam als agressief zijn. Volgens oude verhalen is er een verschil tussen de geesten van zout en die van zoet water. De zeevissers zagen de zeegeesten als goedaardig. Vaak werd de eerste gevangen vis geofferd aan de watergeesten om een goede vangst af te smeken.

De zoetwatergeesten waren meestal kwaadaardig, met uitzondering van de watergeesten van bronnen. Deze werden vaak als helers gezien. Maar de meeste zoetwatergeesten werden verantwoordelijk gesteld voor het moedwillig verdrinken van mensen, die ze eerst lokten met magisch gezang. Denk bijvoorbeeld aan de Duitse Lorelei, die door haar gezang schepen liet vergaan. Sommige plekken werden gezien als permanente woonplaatsen van de watergeesten: plekken met waterkolken en plekken waar veel mensen verdronken. De watergeesten waren ook in staat om vee te laten verdrinken. Als dit op een bepaalde plek veel gebeurde, werden daar offers gebracht om de geesten tevreden te stellen.

Zielen van verdronkenen

In sommige gebieden werd er geloofd dat nimfen en minnen eigenlijk de zielen waren van verdronken meisjes, of de zielen van vrouwen die zelfmoord hadden gepleegd. Over het algemeen waren het zielen van ongelukkige mensen.

Een Fins verhaal over het ontstaan van watervrouwen gaat als volgt: Joukahainen, een jonge man uit Lapland, daagt de god Väinämöinen uit voor een zangwedstrijd. Väinämöinen wint en wil de mooie zuster van de jonge man als prijs. Deze wil echter niet samenwonen met de ondertussen oud geworden god en vlucht. Ze verdrinkt in een rivier en wordt een waternimf. Haar verdrietige stem is nog steeds te horen bij de Finse meren.

Putten stonden centraal in cultussen waarin de seksualiteit van vrouwen werd vereerd: water als levenbrengende godin. De kerk verwees naar deze heilige putten met de term ‘cunnus diaboli’ (de duivelse vagina). Volgens de verhalen stonden onderin de putten bomen waarin pasgeboren baby’s hingen. Ouders in spe moesten een tocht over water ondernemen om bij een dergelijke put de ziel van een ongeborene te vragen of deze bij hen zou willen wonen. Een watervogel met een duidelijke connectie met deze levenbrengende moeder/watergodin, is de ooievaar. De vogel brengt nu nog steeds baby’s naar de moeders.

Een bron of put werd ook gezien als een van de manieren om in de onderwereld te komen. Kijk maar naar het sprookje van Vrouw Holle die onderin een put woont. Vrouw Holle is tevens Hel, de godin van de onderwereld.

Water is de grens tussen werelden en dimensies. Overal in Europa was het een gewoonte om de doden een muntje in de mond mee te geven alvorens ze begraven werden. De doden werden door een veerman over een rivier gezet om daar de onderwereld te betreden. De veerman werd betaald met het muntje.

Uitbanning

In het christendom zijn bronnen en putten belangrijke plaatsen van kracht, omdat ze water leveren om te dopen. Daarom werden veel ‘heidense’ bronnen zo snel mogelijk gekerstend. Er werden uitbanningsrituelen uitgevoerd om de watergeesten te verjagen. In sommige gevallen was het plaatselijke geloof in watergodinnen en geesten zo groot dat de kerk ze niet kon uitdrijven. Ze maakten dan de godin of geest tot heilige, zoals in het geval van Sint Bridget in Ierland, en Lourdes in Frankrijk. In Nederland zijn er ook nog dergelijke bronnen te vinden. De meesten dragen nu de naam van Maria.

Ik sta in een tattooshop, ergens in hartje Amsterdam. De eigenaresse heeft mij gevraagd om de ruimte te voelen: men ziet hier verschijningen en weet niet precies wat te doen. Voor mij staat een vrouwe, slank en ijl, met lange haren die over de grond slepen. Daaruit sijpelt water in stroompjes naar beneden. Ik vraag haar wie ze is en wat ze hier doet. Ze vertelt dat ze een ‘bronvrouwe’ is en dat ze helpt met schoonmaken in de tattooshop. Ze zegt dat ‘er pijn blijft hangen’ en ze wil graag helpen om de pijn te verwijderen.

Ik vertel dit verhaal aan de eigenaresse. ‘Ja’, zegt ze, verheugd nu, ‘nu snap ik het. Loop maar even mee.’ In het souterrain zie ik een oude put. Een plaquette vermeldt dat de put eeuwenlang werd gebruikt als helende put, vooral tegen de pest…

In trance of meditatie kun je de watergeest van een rivier of meer opzoeken. Je kunt je voorstellen dat je in het water zwemt of erboven vliegt, en op zoek gaat naar de woonplaats van de watergeest. In veel traditionele culturen is de plek waar een rivier ontspringt, een heilige plek van kracht en wijsheid. Water van een put of bron, gekerstend of niet, kun je gebruiken bij helingrituelen en je kunt contact leggen met de geest van een bron door haar offertjes te geven. Water is overal om ons heen. De watergeesten zijn er nog. Soms zie je een glimp van gouden haarlokken, een bleke hand op een putrand, soms hoor je onaards gezang.

Pas je wel op?

Linda Wormhoudt is sjamaniste en rituelenbegeleidster, auteur van ‘Goden en sjamanen in Noordwest-Europa’, ‘Ademtocht, verhalen over de dood’, en ‘Seidr, het Noordse pad, werken met magische en sjamanistische sporen in Noordwest-Europa’ alle uitgegeven door uitgeverij A3 boeken. Haar website: www.soulritual.nl.



Plaats een reactie

    Artikel delen
  • Facebook
  • Twitter
  • Google+
  • Linkedin
  • Pinterest