Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views : Ad Clicks : Ad Views :
img

Tussen kerk en shoah – Theoloog Bart Gijsbertsen

/
/
/
553 Views

Bart Gijsbertsen (70) werd geboren op de Veluwe (Bennekom), de biblebelt. Na zijn theologie-studie werd hij predikant in de Protestantse Kerk. Kennis van de Bijbel werd hem  met de paplepel ingegoten. Maar op een dag werd zijn zicht op de ‘leer’ door bestudering van de Joodse wortels toch iets anders. Daarover schrijft hij sindsdien boeken. Een kennismaking met een ruimdenkende theoloog.

“In mijn kerk werd – zoals eeuwenlang gebruikelijk – de Bijbel gelezen alsof die woorden direct tot ons in Nederland gericht waren. Ook al gaat het bijna op elke pagina over Israël, wij dachten daarbij geen moment aan Joden, maar lazen het woord ‘Israël’ eigenlijk automatisch als ‘kerk’. Deze christelijke opvoeding vanuit de zogenaamde vervangingstheologie (een kerk die zichzelf als Israël beschouwt) gaf bij mij op een gegeven moment een ware kortsluiting. Want ik hoorde en las in mijn tienertijd wat er vlak voor mijn geboorte gebeurd was: de shoah – de vernietiging.”

Die kennis van de shoah leidde tot steeds urgenter wordende vragen bij Bart: “Hoe kan het dat de kerk de psalmen van Israël zingt, zonder daarbij ook maar enige verbinding te leggen met het concrete volk waaraan de kerk die psalmen te danken heeft? Hoe bestaat het dat de kerk dat ook na de Shoah ongeschokt blijft doen? Heeft de kerk dan geen idee dat Jezus een besneden Jood was, dat Hij die psalmen meekreeg in de synagoge, en dat ook Hij in WO II een Jodenster had moeten dragen en waarschijnlijk was gedeporteerd?”

En kwam er een antwoord?

“Op die vragen kreeg ik in de kerk geen antwoord en ook later aan de Theologische Universiteit niet. Ernstiger: ik ontdekte dat de shoah deel uitmaakt van een verguizing en vervolging van Joden die nu al duizend jaar op het Europese erf plaatsvindt. En meestal was dat tegelijk: kerkelijk erf. Maar kennelijk bestond er in al die eeuwen in de kerk geen bijbeluitleg die deze verguizing voorkwam; eerder werkte de christelijke bijbeluitleg die verguizing in de hand. Daaruit trok ik de conclusie dat er een grote denkfout moest zitten in het christendom en zijn uitleg van de Bijbel. De hele Bijbel, zowel het Oude als Nieuwe Testament, is immers door Joden geschreven. Wil je die woorden begrijpen dan zul je je minstens moeten verdiepen in de Joodse cultuur, tradities en taal. Sinds die tijd zoek ik – om zo te zeggen – naar ‘een bekering van de christelijke theologie’, een zoektocht naar een bijbeluitleg die recht doet aan de Joodse wortels van de Bijbel en een dam opwerpt tegen Joden-vervolging en tegen antisemitisme überhaupt.

Lukt dat?

“Niet alleen dat. In de raden en stichtingen waarin ik zat sprak ik niet alleen met allerlei christenen en Joden, maar ook met moslims, boeddhisten, humanisten, theosofen, agnosten en noem maar op. Allemaal waardevolle gesprekken, meestal over de bronnen waaruit ieder mens voor zichzelf put. En natuurlijk ging het dan ook over de historie en over de blokkades en strijdpunten in de actualiteit. Uiteraard ging het in de ontmoeting met het jodendom heel specifiek over de belabberde verhouding tussen kerk en synagoge. En dat raakte het meest aan ‘de heidense uitdaging’ die ik voor mijzelf als een roeping zie.

Waarom spreek je in je boeken over ‘heidens’ als het om niet-christelijke spiritualiteit gaat?

“O nee, nu dreigt een groot misverstand. Het woord ‘heiden’ in de Bijbel is de vertaling van het Hebreeuwse woord goj, meervoud gojiem. En dat is simpel de Joodse term voor ‘niet-Jood’. Alle volkeren buiten Israël heten dus gojiem, heidenen. Vanuit de vervangingstheologie waarover ik het eerder had – de kerk die zichzelf als Israël ziet – werd echter iedereen die buiten de kerk stond heiden genoemd. En zo leeft dat meestal nog in de volksmond. Daardoor ontstaat de vrij idiote situatie dat zelfs Joden ‘heiden’ zouden moeten heten zolang ze ‘buiten-kerkelijk’ zijn. Maar ik gebruik het woord ‘heiden’ dus in zijn oorspronkelijke bijbelse zin. Daar zit ook geen enkel moreel oordeel is. Het betekent simpel dat je niet-Jood bent. Ik ben dus zelf een heiden. Eén van mijn boeken heb ik als titel meegegeven  een heidense uitdaging, leven met de God van Israël. Want ik, als heiden, vind dat leven met Israëls God inderdaad een uitdaging, en letterlijk en figuurlijk een heidens karwei. Dus als antwoord op je vraag: per saldo zijn we vrijwel allemaal heidenen; van wie sommigen christelijk zijn, anderen moslim of boeddhist, of toegedaan aan welke spiritualiteit dan ook. En we hebben ons allemaal te verstaan met dat ene volk in ons midden dat niet heidens is, namelijk het Joodse volk (waarin je overigens ook boeddhist of agnost enz. kunt zijn). En het zoeken naar de juiste verhouding ten opzichte van het Joodse volk blijkt voor alle volkeren der aarde bar ingewikkeld te zijn.”

Zie je een verschil tussen de joodse God en de christelijke?

“Dat verschil is er dus in principe niet. De God van Israël heeft een specifieke naam, namelijk JHWH. Dat is een Naam die in de synagogen uit eerbied niet wordt uitgesproken. In de Nederlandse vertalingen wordt die Naam meestal weergegeven met ‘de HERE’, maar ook wel met ‘de Eeuwige’ of ‘de ENE’. Het grote probleem is dat wij in het christendom tot een beeldvorming van deze God zijn gekomen die dichter bij Romeinse, Griekse, filosofische en wetenschappelijke termen ligt dan bij de Joodse bronnen.”

Kun je een voorbeeld geven van een verschil in Joodse en christelijke interpretatie hun heilige boeken?

“Laat ik twee voorbeelden nemen,  de begrippen ‘waarheid’ en ‘recht’. Over het algemeen verstaan wij onder ‘waarheid’ iets dat in overeenstemming is met de feiten. Die waarheid vinden we van belang, die moet eventueel ook worden onthuld en zo kunnen we het zelfs hebben over ‘de naakte waarheid’. In de Bijbel kan ‘waarheid’ juist het tegenovergestelde betekenen. Het Hebreeuwse èmet betekent vooral dat je betrouwbaar bent voor je medemens. Dus als je onderduikers zou verbergen dan geef je dat nooit toe of ontkent dat stellig. Je hebt medemensen onderdak verschaft die op jou rekenen. Als je voor hen moet ‘liegen’ dan is dat de hoogste waarheid.”

Wat levert het je spirituele bewustzijn op?

“Deze zoektocht heeft me in elk geval van de ene naar de andere paradigmashift gedreven. Alsof je als een soort Petrus voor de zoveelste keer over de reling van het schip stapt en gaat lopen – als op water – waar nog niemand uit de jouw bekende traditie kwam. Het Joodse geloven – en dus ook dat van Jezus – is bijvoorbeeld veel concreter dan het christelijke. De christen lijkt vaak hemelwaarts te streven, weg uit dit ’tranendal’; allerlei begrippen dreigen daarbij abstracties te worden. Onder ‘geloof’ verstaat een christen ook al gauw een soort geloofsleer, een dogma dat je onderschrijft. De Joodse/bijbelse manier van geloven is veel meer op de aarde gericht, op dat wat hier en nu in overeenstemming zou moeten worden gebracht met wat de God van Israël waarheid noemt, of recht, of liefde, of vrede, of zonde, of offer, enzovoort. Het jodendom kent ook geen dogmatiek. Geloven is veeleer geloofsvertrouwen, en dat is per definitie dynamisch.”

Het bracht Bart tot een leven waarin hij veel inclusiever denkt dan hij vroeger ooit voor mogelijk zou hebben gehouden. “Ik voel me, ik weet mij geroepen; van jongs af aan. Door de God van Israël, de Vader van Jezus Christus. Ik hoop die roeping met mijn antwoordend leven waar te maken.”

Hier meer over Bart Gijsbertsen en zijn boeken.

Een YouTube-interview met Bart.


Tags:
Meer van:

Plaats een reactie

    Artikel delen
  • Facebook
  • Twitter
  • Google+
  • Linkedin
  • Pinterest